...
Uitzicht
Een veel gestelde vraag over Plan West-Holland is wel over het uitzicht op zee. "Missen de mensen die aan de kust wonen dan niet het mooie uitzicht op zee?" Het antwoord is simpel... Mocht West-Holland er komen dan is dat pas over 25 tot 30 jaar. Daarbij wonen er langs de Nederlandse kust relatief weinig mensen. Het zijn meestal de hotels die daar staan. Maar het uitzicht op een prachtig breed water met watervogels, zeilboten, vissersboten enz. kan ook heel erg prettig zijn!
En wanneer West-
Holland verwezenlijkt zou zijn, wonen er in de zes middelgrote steden wel tienduizenden mensen aan zee met een prachtig uitzicht op de ondergaande zon.

     ...
...
De overgang van het vaste land naar West-Holland
zou, bijvoorbeeld bij Callantsoog, er zo uit kunnen zien:
Het ligt voor de hand dat ondernemers, particulieren en gemeenteraden aan de Nederlandse kustplaatsen in eerste instantie terugdeinzen voor het idee dat het uitzicht op de zee en de horizon ingrijpend zal veranderen met de komst van West-Holland, ondermeer omdat dit gevolgen kan hebben op het aantal toeristen en op de inkomsten van de stad en de ondernemers. Maar vooral ook is de emotionele kant belangrijk: Egmond aan Zee ligt dan niet meer aan zee. Gevoelsmatig is dat voor onze kustplaatsen in eerste instantie onacceptabel en ondenkbaar. Maar naast het gevoel spreekt ook het verstand een rol. Nederlanders zijn over het algemeen nuchtere, realistische en pragmatische mensen met een verleden van strijden tegen het water. Aannemelijk is dan ook dat men het risico op een overstroming bij een sterke zeespiegelstijging op de lange termijn zo klein mogelijk zou willen houden om onze kinderen en kleinkinderen een watersnoodramp als in 1953 of erger, te besparen. Veel zal afhangen van het inzicht in de ernst en noodzaak om de Nederlandse kust te beschermen tegen overstromingen om tot dergelijke grote veranderingen te kunnen besluiten. Natuurlijk zullen er voor- en tegenstanders zijn. Belangrijk is dan ook om vooral met heldere argumenten te komen.

Dit dilemma is aanleiding geweest om een oplossing te bedenken waar alle partijen in principe mee zouden kunnen leven.

Het is aannemelijk dat de randzee (de strook water tussen West-Holland en de huidige kust van 1 km breed) net zoals op de randmeren die de polders Zuidelijk en Oostelijk Flevoland omgeven, ook veel toerisme zal aantrekken. De stranden zullen blijven bestaan maar een ander karakter krijgen en alle vormen van watersport kunnen er plaatsvinden zodat het er zeker gezellig druk zal zijn. Zelfs de pier in Scheveningen kan gewoon blijven functioneren.

Voor de kust van Noord-
Holland zal de komst van West-Holland pas over een jaar of 30 kunnen plaatsvinden, dus alle tijd om over een goede regeling na te denken!

Een compensatieregeling voor bijvoorbeeld de horeca is dan denkbaar. Hotels, restaurants, cafés, winkels, sportaccommodaties enz. zouden aanspraak kunnen maken op een zeer betaalbare nieuwe locatie langs de Noordzeekust op West-
Holland. Dit zou gefaciliteerd kunnen worden door ondermeer de nationale investeringsbank Invest-NL

Uiteraard zitten hier nog veel haken en ogen aan, maar er is tijd genoeg om daar goede antwoorden op te vinden. Natuurlijk een antwoord in samenspraak met alle belanghebbenden.

De boodschap van gezaghebbende instanties zou niet moeten zijn van: "mensen, we hebben alles onder controle en u hebt niets te vrezen". Maar wel van: "mensen, we moeten alert blijven wegens een bedreigende zeespiegelstijging waar wij ons op tijd tegen moeten beschermen".